“First Sight”

first sight
written by: Esther

“Ja, nou ja, ik kan er niets aan doen, nee, maar -”
“Nou, weet je wat? Ik blijf hier wel gewoon zitten, ga jij maar doen wat je moet doen, ik vermaak me wel tot je hier bent.”
“Oké, super, ik sms wel als ik hier klaar ben, zodat je weet dat ik onderweg ben. Doei!”
“Tot zo!”
Ik klapte mijn telefoon dicht en zuchtte terwijl ik hem op het tafeltje legde. Mia is ook zo’n chaoot af en toe. Haar kennende, zou het nog wel een tijdje duren voor ze eenmaal haar zaken op orde zou hebben en voor m’n neus zou staan. Ik keek even in de rondte om te zien of er nog bekenden in de buurt waren, maar helaas. Ik zou het wachten op Mia alleen moeten doorstaan. Ik pakte m’n tas van de grond, deed m’n telefoon in het kleine vak en ritste het grote vak open om er een tijdschrift uit te halen.

“Mevrouw? Wilt u nog wat drinken?” Ik keek met een verwarde blik recht in de ogen van de ober. Ik was zo verdiept in een artikel over de aannemelijkheid van liefde op het eerste gezicht, dat ik niet door had dat hij me al voor de derde keer vroeg of ik nog een drankje wilde bestellen. “Oh, sorry, ik was even van de wereld met mijn gedachten. Eh, ja, ik wil nog wel een Cola alsjeblieft.” Hij schreef mijn bestelling op zijn blaadje en lachte even naar me, voordat hij wegliep. Al snel kwam hij weer terug met mijn Cola op zijn dienblad. Wederom lachte hij toen hij het glas op mijn tafeltje had neergezet. Ik legde mijn tijdschrift neer en pakte het glas op. Terwijl ik de verte in staarde, nam ik kleine slokjes en liet ik mijn gedachten afdwalen.

Na een niet al te lange tijd, werd mijn blik gevangen door een jongen die door mijn beeld liep. Mijn ogen volgden hem en mijn hoofd draaide met zijn looprichting mee. Hij nam plaats op een van de stoeltjes rondom zo’n zelfde tafel als degene waar ik aan zat en er zat zo’n 4 of 5 meter tussen ons. Zijn gezicht was van mij afgedraaid, hij zat met zijn rug mijn kant op, maar – mijn god. De perfectie droop bijna van hem af.
Het shirt dat hij droeg was losjes om zijn schouderbladen gespannen en liet zijn armspieren goed uitkomen. Zijn lichaamstaal was zelfverzekerd, maar niet arrogant. Toen hij zijn bestelling doorgaf aan de ober werd zijn sterk gedefinieerde kaaklijn zichtbaar, eveneens zijn sprekende ogen, die de wereld door een dun laagje glas bewonderden.

Pas toen mijn tafel voorbij werd gelopen door de ober, raakte ik uit mijn trance en zette ik mijn glas weer neer. Dit effect heeft nog nooit iemand op me gehad. Ik pakte het artikel dat ik aan het lezen was er weer bij, maar ik kon me niet concentreren. De jongen bleef maar door mijn hoofd spoken. Voorzichtig keek ik vanonder mijn wenkbrauwen naar hem, zelfs door mijn wimpers heen was hij mooi. Toen hij zijn hoofd mijn kant opdraaide, richtte ik mijn ogen weer op het artikel. Ik keek nog een keer vluchtig naar het schepsel – hij was weg. Ik probeerde rustig om me heen te kijken, maar mijn poging was onsuccesvol. Ik zag hem aan mijn linkerkant en hij ging net op de stoel naast mij zitten.

“Hoi.” De klank van zijn stem liet positieve rillingen over mijn rug glijden.
Van de voorkant was zijn gezicht nog mooier dan ik had gedacht. Zijn bril had een groen montuur, wat zijn donkere ogen accentueerde. Een nonchalante mengelmoes van donkere haren sierde zijn hoofd en zijn kaak werd bedekt door korte haartjes, alsof hij zich vanmorgen was vergeten te scheren. Hij lachte zijn tanden bloot op het moment dat ik me realiseerde dat ik naar hem aan het staren was.
“Hoi?” Ik lachte ongemakkelijk terug.
“Ik zag je zitten toen m’n vrienden en ik-”, hij wees naar de tafel waar hij net gezeten had, “hier aan kwamen lopen en ik wilde je even zeggen..” Hij pauzeerde even, waarschijnlijk omdat ik hem nog steeds aanstaarde, “dat je zo meteen even achterin je leuke tijdschrift moet kijken.”
Met die woorden liep hij terug naar zijn tafel, mij verbluft en zonder woorden achterlatend. Ik bleef naar hem staren, zelfs toen hij en zijn vrienden betaalden en wegliepen. Hij keek nog een keer om en lachte naar me.

Achterin m’n tijdschrift. Ik verbrak mijn trance en bladerde door het blad. De stilte die het omslaan van de bladzijdes met zich meebracht, was oorverdovend. Ik was bijna achteraan toen ik een klein papiertje aan de bovenkant uit zag steken. Snel haalde ik het uit het tijdschrift en tot mijn verbazing zag ik er een telefoonnummer op staan. Afwezig staarde ik naar het papiertje en mijn vrije hand bladerde snel terug naar het artikel wat ik eerder al aan het lezen was.

“Ik weet dat je zo je buien hebt, maar je bent nu wel heel raar bezig, serieus.” Ook hallo.
“Hoi Mia.”
“Wat doe je in hemelsnaam?”
“Ik geloof dat ik verliefd ben.”

Eén reactie laat een →
  1. 2009 oktober 17
    recklessness permalink

    Lalalovely!

    Jij schrijft mooi. (=

Reageer

Note: You can use basic XHTML in your comments. Your email address will never be published.

Abonneer op deze reactie-feed via RSS